| Echtscheiding |
|
Hoe denken wij over .......... echtscheiding?
"Want Ik haat de echtscheiding, zegt de HERE...."
(Mal.2:16)
God "haat" de echtscheiding, zegt de Bijbel. Wij dus ook; ik ook. Wie niet ? Telkens wanneerwij er van nabij, of zelfs van veraf, mee geconfronteerd worden dan zijn de absurditeit, de frustratie, het verdriet, de pijn voor elk zinnig denkend en levend mens te voelen. "Zo heeft God, de Schepper, het van den beginne ook niet bedoeld!", zegt Jezus, wanneer Hij met deze vraag geconfronteerd wordt en daarmee valt Hij dan openlijk en direct de algemeengeaccepteerde gang van zaken onder de gelovigen van Zijn dagen aan. De zgn."scheidbrief" van Mozes, die was ingesteld omdat klaarblijkelijk bepaalde huwelijkssituaties ook voor de Joden niet meer "houdbaar" en "leefbaar" waren, werd te pas en te onpas - vooral door de dominante mannen van toen - gebruikt en misbruikt om bij de minste tegenvaller in het liefdesbed of in het huishouden de partner maar weg te sturen en een
ander te nemen. "Zijn jullie vergeten, dat Mozes die mogelijkheid tot echtscheiding allenmaar gegeven heeft vanwege de hardheid van jullie harten ?!?", vraagt Jezus dan met hoorbaar verdriet en verbazing (Mt.19:1-10). M.a.w., de gelovige gemeen-schap, bewaarder van Gods Woord en Norm, was de "hoge uitzondering", voortkomende uit de zondige staatvan het mensenhart, gaan zien als "normaal". De enorme pijn, het verdriet, de ervaring dat er iets abnormaals gebeurt wanneer man en vrouw elkaar verlaten, was men min of meer vergeten. Wat er in de zielen en gedachten van eventuele kinderen die achterbleven
gebeurde, daar werd al helemaal niet aan gedacht.
Per slot van rekening gaat het toch om "mijn geluk", "mijn gevoelens" en "mijn rechten", ja toch...?!? "Kinderen kunnen toch in een ongelukkig huwelijk ook niet gelukkig zijn; wanneer pa en ma van elkaar vervreemden en/of elkaar het leven zuur maken, dan lopen zij toch ook psychische schade op ?!?" Een heel actuele redenatie! Natuurlijk zullen kinderen schade oplopen van het ongelukkige huwelijk van hun ouders, maar wetenschappelijk onderzoek heeft inmiddels wel iets verrassends aangetoond. Kinderen blijken onder de gevolgen van echtscheiding ernstig te lijden evenals onder de gevolgen van een ongelukkig huwelijk van
de ouders. De angst dat "pappa en mama uit elkaar zullen gaan" blijkt wellicht het grootste trauma te zijn. (Artikelen zijn bij uw predikant verkrijgbaar....). Deze ontdekking staaft dan wat wij in de Bijbel al lezen; nl. echtscheiding is een abnormaliteit, nooit door de Schepper bedoeld en een gevolg van de ernstige staat van het mensenhart.
Je zou dan wellicht kunnen stellen, dat kinderen - door Gods genade in de schepping - wel bestand zijn tegen de "normale" pijnen van het leven, maar niet tegen de "abnormale", zoals echtscheiding (en incest, bijv. en meer van dit soort abnormaliteiten).
Een Nazarener collega, wiens vrouw orthopedagoge is, vertelde mij als eerste over dit wetenschappelijk onderzoek en de uitkomsten daarvan, waarop hij zelf zei: "Dus echtscheiding is voor christenen met kinderen nooit een optie....!" Ik ben het wel met hem eens, hoewel ik ook de problemen zie.
Wij leven in een tijd, die ernstiger ziek is dan wij direct zien. Ik ben zelf niet zo'n "eindtijddoemdenker", maar kan het de laatste jaren toch ook echt niet anders zien. In een razend tempo is men vandaag bezig om abnormaliteiten, van oudsher af door de Schepper als zodanig gedefinieerd en door de overgrote massa der mensen ook als zodanig erkend, tot normaliteiten te verheffen. Een "degelijke huisvrouw" uit Spreuken, bijv. (mag je die termüberhaupt nog wel gebruiken zonder van discriminatie beschuldigd te worden?) wordt vandaag meer en meer als een zielig verouderd type gezien, die nog niet weet dat je je vandaag toch "mag ontplooien" en je niet mag laten uitbuiten door de mannencultuur... Onze paarse overheid heeft onlangs nog vastgesteld, dat er nog veel te veel vrouwen thuis voor hun kinderen zorgen (gewoon het omkeren van de woorden in het A.D. van 11 september 1997:
"Mannen werken nog te weinig in huis"). Natuurlijk zou het goed zijn dat ook de vaders eens meedoen aan de opvoeding van hun kinderen, daar gaat het niet om, en natuurlijk wil de Here ook een vrouw helpen om tot volle ontplooiing te komen, door carrière, studie, etc.
Alleen, zoals men het nu ziet is een van de eindresultaten een totaal ontwrichte samenleving, waarbinnen niemand meer zijn/haar plaats, identiteit en rol weet, waar echtscheiding statistisch inmiddels al "de norm" is en waar de Riaggs overbelast zijn met de verwarde, psychisch zieke mensheid en haar kinderen. Als ik mijn geloof in Christus en de belofte van de "voleinding der wereld" niet zou hebben, zou ik het voor de opgroeiende kleine mensjes in deze zieke en verkilde samenleving niet meer zien zitten; hoe moeten zij nu leren en weten wat "normaal" is en wat niet!?
Zij moeten het van ons - de Kerk - leren. De Gemeente van Christus is "het geweten van de samenleving", heeft Hans Kung eens gezegd. Maar wat als de ab-norm-aliteiten van de samenleving nu ook de normaliteiten van de Kerk gaan aantasten ?!? Wat moeten wij nu als de pijn, het absurde, het gevoel van "dit-had-nooit-mogen-gebeuren" door ons - de Kerk van Christus - niet meer gevoeld en genoemd en beleden worden ? Zolang de Kerk (wij dus...) die pijn van de echtscheiding nog als abnormaliteit blijft erkennen en noemen en blijft hameren op die "hardheid van onze harten", leren kinderen namelijk nog wel wat normaal is en wat niet. Het is mijn persoonlijk verdriet, dat men ook in de evangelische beweging naar mijn mening zo ongelukkig en spastisch omgaat met het probleem van de echtscheiding; klaarblijkelijk heeft de liefde van Christus daar toch nog niet alle harten kunnen vervullen. In onze kringen komt scheiding natuurlijk ook voor; vaak nog vanwege de voor de hand liggende reden, dat wij vaak de voor-christelijke situatie "erven" van mensen die bij onze bewegingen binnenkomen, tot geloof / vernieuwing komen, en er vervolgens wel of niet in slagen om de puinhoop van een relatie, die - eigenlijk nooit tot een huwelijk had mogen leiden - m.b.v. het geloof aan te pakken. Vaak lukt het wel; en dan zeggen wij: "Prijs de Heer; zij zijn weer bij elkaar en gelukkig !" Maar als het nou niet lukt ? Wat zeggen wij dan ? En hoe gaan wij dan met de desbetreffende broeder/zuster om ? En, nog gevoeliger, hoe helpen wij hun kinderen
? In sommige kringen gaat men er gewoon niet mee om. Daar worden de betrokken broeder/zuster gewoon grof, m.b.v. de bijbel dan nog, of subtiel, "weggewerkt", zodat er dan (en a.u.b. vergeeft u mij de hardheid van deze conclusie, maar ik kan het niet anders zeggen...) de illusie hooggehouden kan worden dat "er bij ons geen echtscheiding is". De gescheiden broeder/zuster - en hun kinderen - worden dan een "theologisch struikelblok", die het keurige geloofsrijtje aan het wankelen brengen, met als gevolg, dat, m.i., dan voor gescheiden evangelische christenen een nog groter lijden bovenop hun pijn, teleurstelling, frustratie en verdriet verdragen moet worden, nl. de openlijke, of subtiele afwijzing van hun geloofsgenoten- en vrienden! In sommige evangelische geloofsculturen durft men ook geen "nederlagen" toe te geven, zodat zij, die dan toch - ondanks oprecht geloof - een "nederlaag"
ondergaan (ziekte, die niet wordt genezen; een huwelijk dat niet gered kan worden, etc.) een "geloofsprobleem" zijn en noodgedwongen via een onzichtbare achterdeur de gemeenschap moeten verlaten, zodat men de absolute geloofsdogma's kan blijven verkondigen...; vreselijk!
Veel liever zou ik in onze gemeente zien, dat wij eerlijk zijn en pijn, frustratie, teleurstelling en echtscheiding dus, tussen serieuze gelovigen erkennen. Allemaal zijn wij de dupe van de zondeval; allemaal zijn wij de kinderen van een samenleving die het "eigen gevoel" en "het eigen recht" als afgod aanbidden; niet altijd behalen wij hier een "overwinning", en groots is die gemeente waarbinnen men zich dan toch veilig, geliefd, niet veroordeeld en volwaardig opgenomen voelt!
Eigenlijk verklaart dit een beetje, waarom wij vaak zo onzeker en weifelend met deze dingen omgaan; wij willen in alles de mens zien waar het om gaat en waar de Heer nog steeds enorm van houdt, ook wanneer het niet is gelukt; wij willen voorkomen, dat zij die openlijk en zichtbaar er niet uitkomen het zouden gaan verliezen van hen die onzichtbaar er eigenlijk in Gods ogen ook niet veel van brouwen; daarmee zou de schijnheiligheid gevoed worden; eigenlijk willen wij - ik zelf natuurlijk - twee heilige zaken in het probleem van de echtscheiding handhaven, nl.:
1) Het uitdrukking blijven geven aan het eeuwenoude feit, dat God dit nooit zo bedoeld heeft; daarmede het duidelijke getuigenis naar deze wereld en onze eigen kinderen vasthoudende en, het erkennen van de pijn en het verdriet bij God en ons.
En: 2) Het waarborgen van een noodzakelijke en liefdevolle opvang van broeders/zusters, die ondanks alles toch niet meer met elkaar willen/kunnen leven; het volkomen opnemen van hen in de gemeente als volwaardige leden en het zorg dragen voor hun kinderen.
Om deze twee "heilige tegenpolen" samen te kunnen waarborgen binnen onze gemeente
stel ik het als volgt:
1) Van onze gehuwde leden - "Nazareners" - verwachten wij, dat zij er alles aan zullen doen wat binnen de mogelijkheden ligt, m.b.v. de middelen van het geloof en seculiere hulpverlening, om van hun relatie een "succes" te maken. Wanneer zij er met elkaar niet uitkomen zullen zij samen hulp zoeken en tot het uiterste gaan om het christelijk getuigenis in hun huwelijk te bewaren. Zij die die hulp samen niet zoeken staan zelf verantwoordelijk naar God. Wanneer zij kinderen hebben verwachten wij dat zij die offers zullen brengen die God van ouders vraagt.
2) Van onze leden vragen wij, dat zij hen, die er niet in geslaagd zijn om hun relatie te behouden, liefdevol, zonder verwijt en zichtbare of onzichtbare veroordeling zullen blijven opnemen in hun gemeenschap. Wij willen hen helpen om - wanneer zij als christenen niet bij elkaar willen/kunnen blijven - dan wel als "christenen te scheiden", niet denkende aan hun eigen belangen, maar aan elkaar - en vooral - de kinderen. Man en vrouw blijven na scheiding ook nog broeder en zuster van elkaar en vader en moeder van hun kinderen; wellicht heeft de gemeente van Christus dan in deze verkilde samenleving ook nog een plaats om niet enkel Gods wonderkracht te benutten om "mensen bij elkaar te bidden",maar ook om hen, die naar eer en geweten alles hebben gedaan, Gods wonderkracht voor de absurde pijn en frustratie van een scheiding toe te bidden.
3) Van onze leden, die een huwelijk overwegen, verwachten wij, dat zij in hun besluit - in een vroeg stadium - advies en hulp binnen de gemeente zullen zoeken ("Pre marital counseling") om tot een verantwoorde huwelijkskeuze te kunnen komen. Wanneer zij gehuwd zijn verwachten wij, dat zij heel serieus de volgende vragen met elkaar en de Heer zullen overwegen: willen wij kinderen (niet verplicht! Het gebod tot vermenigvuldiging is al massaal door de mens van toen gehoorzaamd en vervuld....), en hoeveel, en, zo ja, wat gaat ons dat dan "kosten"; welke offers zullen wij daarin dan moeten brengen ? M.a.w., wij verwachten dat men verantwoord voor kinderen kiest !!!
Volgens de Bijbel (Joh.1:13, Gen.2:7) komen kinderen (wanneer de biologische wetten goed functioneren natuurlijk) voort uit "de wil van man en vrouw", en geeft de Schepper slechts levensgeest aan wat ouders reeds gekozen hebben! Deze visie (het is niet God die een man of vrouw voor mij kiest en die bepaalt hoeveel kinderen zij krijgen, maar de mens) maakt de mens verantwoordelijk voor deze belangrijke beslissingen. Vaak is het de onverantwoordelijkheid waarmede zulke fundamentele beslissingen genomen en begeleid worden, die later leidt tot menselijkerwijs onoplosbare situaties.
Ons huwelijksformulier zegt: "Het huwelijk is geen zaak die men onbedacht moet aangaan, maar eerbiedig, verstandig en in de vreze (= heilig ontzag/liefde) Gods." Hetzelfde kan gezegd worden van de keuze voor kinderen.
Tot slot: "God haat de echtscheiding", maar zeker niet de echtscheider/ster ! De hele bijbel getuigt van het feit, dat Gods liefde (misschien wel extra ?) blijft staan voor hen, die er naar eer en geweten toch niet met elkaar uitgekomen zijn. Zelf zou ik het zo formuleren:
"God - en wij - haten dit afschuwelijke verschijnsel van de scheiding tussen man en vrouw; wij voelen de pijn, de frustratie en het verdriet; maar wij hebben hen die er in terecht gekomen zijn oprecht lief en willen hen bijstaan in de verwerking en het oppakken van de nieuwe toekomst die God ook hen, door genade, weer schenkt."
Ds. Ed Meenderink
|